Het is eind oktober. Je zit met het budgetsjabloon van finance open, dezelfde Excel als vorig jaar, met dezelfde kleuren en dezelfde tab die niemand ooit invult. Nieuw dit jaar: een kolom met als titel “AI-besparing”. En in die kolom staat, in de rij van marketing, al een getal. Niet door jou ingevuld. Door de CFO. Het is -20%.
Je weet drie dingen tegelijk. Eén: AI doet ondertussen echt werk in je team, je ziet het elke dag. Twee: je agency’s facturen zijn geen euro gezakt. Drie: niemand kan je uitleggen hoe die twee feiten samen tot -20% leiden.
Ik heb de voorbije weken de budgetstudies van dit jaar naast elkaar gelegd: Gartner, Forrester, de Duke CMO Survey, de halfjaarcijfers van WPP, Omnicom en Publicis, de WFA-studies over remuneratie en de UBA-rondetafels. Het goede nieuws: het AI-dividend bestaat. Het slechte nieuws: het zit niet waar de CFO het zoekt, en wie het volledig afstort, financiert de readiness van zijn concurrent.
Dit stuk is lang. Lees deel 6 en deel 7 als je maar tien minuten hebt. De rest is de onderbouwing, met cijfers en bronnen, zodat je ze niet van mij hoeft te geloven.
Deel 1. Je budget blijft vlak. De samenstelling niet.
Eerst de context, want die bepaalt alles wat volgt.
Marketingbudgetten zijn in 2026 effectief vlak gebleven: 7,8% van de bedrijfsomzet, tegenover 7,7% in 2025. Dat lijkt stabiel. Het is 18% lager dan vier jaar geleden. Gartner bevroeg daarvoor 401 CMO’s in Noord-Amerika, het VK en Europa, vooral bij bedrijven met meer dan een miljard omzet. Amerikaanse en Britse cijfers dus, richtinggevend en niet absoluut voor een Belgisch bedrijf van 40 miljoen. De richting klopt wel, en dat weet je zelf ook: je enveloppe groeit niet.
Binnen die vlakke enveloppe gebeurt iets dat wel beweegt. CMO’s wijzen gemiddeld 15,3% van hun marketingbudget toe aan AI-initiatieven. Niet aan “digitaal”. Aan AI. Een post die vier jaar geleden niet bestond, is nu de vijfde of zesde grootste lijn in het budget. Als het totaal gelijk blijft en er een nieuwe lijn van 15% bijkomt, dan krimpt iets anders. Gartners eigen vervolgonderzoek zegt wat: agencybudget en martech. 39% van de CMO’s plant in 2026 zijn agencyspend te verlagen, vooral door onproductieve relaties te schrappen, rosters te stroomlijnen en contracten te heronderhandelen.
Het aandeel van martech in het budget daalde intussen van 26,6% in 2021 naar 19,4% in 2026. Dat is geen afscheid van technologie. Het is de verschuiving van licenties naar consumptie: je betaalt minder vaste seats en meer per token, per resolutie, per gegenereerd asset. Daarover straks meer, want het is een budgetlijn die je kan verrassen.
En dan de kloof die de hele discussie bepaalt. 70% van de CMO’s noemt “AI-leider worden” een kritiek doel voor 2026. Slechts 30% zegt dat zijn organisatie daar klaar voor is. 70% geeft toe dat de interne processen niet matuur genoeg zijn om AI op te schalen. Het belangrijkste obstakel is niet de technologie of het geld: 38% noemt gebrek aan interne AI-expertise de grootste barrière voor AI-gedreven efficiëntie.
De cijfers die ik het vaakst citeer in klantgesprekken komen uit dezelfde studie. De 30% die wél klaar is, alloceert 21,3% aan AI, en heeft een gemiddeld marketingbudget van 8,9% van de omzet, tegenover 7,8% voor de rest. De top 9%, met volledig geoptimaliseerde AI, zit aan 11% van de omzet. Die groep geeft bovendien 34,2% van zijn budget uit aan innovatie, tegenover 27,2% gemiddeld, en was minder geneigd zijn loonbudget te verlagen.
Causaliteit of correlatie, dat laat de studie open. Maar de les voor je budgetronde is duidelijk: de organisaties die hun AI-readiness op orde hebben, krijgen meer budget, niet minder. De cel in de spreadsheet van de CFO gaat uit van het omgekeerde.
Wat je ermee doet: neem die drie cijfers (15,3% gemiddeld, 21,3% bij de matuursten, 8,9% versus 7,8% budget) mee naar het budgetgesprek. Niet als verdediging. Als openingszet.
Bronnen: Gartner 2026 CMO Spend Survey, Chief Marketer over dezelfde studie.
Deel 2. Je team wordt niet kleiner. Het wordt duurder.
De CFO redeneert zo: AI doet werk, werk is mensen, dus minder mensen. Het is een redenering van drie stappen, en de tweede klopt niet.
Wat AI vandaag effectief doet in marketingteams, meet de Duke CMO Survey het nauwkeurigst. AI dekt in 2026 24,2% van de marketingactiviteiten, tegenover 13,1% in 2024. Generatieve AI alleen ging van 7,0% naar 22,4%. Bedrijven verwachten dat AI binnen drie jaar 55,9% van hun marketingactiviteiten dekt. Dat zijn Amerikaanse cijfers (308 marketingleiders, januari 2026), en Amerikaanse teams lopen op dit vlak een jaar voor. Maar de curve is dezelfde.
Een kwart van het werk gaat dus al door een AI. En toch: het aandeel van loonkost in het marketingbudget steeg van 21,9% in 2025 naar 24,5% in 2026. Niet gedaald. Gestegen. De mensen die blijven, zijn duurder, want het zijn de mensen die de AI aansturen, de output beoordelen en de workflows herbouwen. Robert Half meet dat AI-vaardige marketeers 15 tot 22% meer verdienen dan collega’s in dezelfde rol. Je koopt dezelfde functie, met een AI-premie erop.
Wat met de headcount zelf? Spencer Stuart bevroeg eind 2025 topmarketeers: slechts 17% had in de voorbije twaalf maanden headcount verminderd door AI, 69% hield het team gelijk en verschoof capaciteit. Voor de komende 12 tot 24 maanden verwacht 36% te verminderen en 54% gelijk te blijven. Bij grote bedrijven ligt de druk hoger: daar zegt 37% dat de CEO of CFO 20% of meer AI-besparing verwacht van marketing.
Daar komt de -20% vandaan. Niet uit een analyse van je team. Uit een verwachting die rondgaat in raden van bestuur, van de ene CFO-lunch naar de andere, als een gerucht over een restaurant dat niemand ooit effectief bezocht heeft.
Ik zie in Belgische marketingdepartementen, typisch tussen 5 en 30 mensen, het volgende patroon. De headcount daalt niet door ontslagen. Hij daalt door niet-vervangen. De junior die productie en coördinatie deed, vertrekt, en de vraag “nemen we iemand nieuw” wordt beantwoord met “laat ons eerst kijken wat we automatiseren”. Dat is de realistische besparing: een team dat niet meegroeit met het werkvolume, terwijl het werkvolume stijgt. Op een team van tien is dat één, hooguit twee VTE’s over twee jaar. Op een loonkost van zeg 850.000 euro is dat 8 tot 15%. Niet 20%. En niet in 2027.
Forrester voegt er een waarschuwing aan toe die ik zou inkaderen: gebruik AI niet om headcount te verminderen zonder eerst de workflows te herontwerpen. Wie eerst snijdt en dan AI uitrolt, krijgt geen efficiënter team. Hij krijgt een kleiner team met dezelfde workflows en een burn-out in Q3.
Wat je ermee doet: bevries de headcount, vervang vertrekkende productie- en coördinatierollen niet automatisch, en zet het uitgespaarde geld op een aparte lijn met de naam “readiness” (deel 5). Dat is een besparing die je kan verdedigen én een investering die je kan tonen.
Bronnen: The CMO Survey 2026, Spencer Stuart, The AI Reckoning, GTM 8020 over Robert Half salarisdata, Forrester Budget Planning 2027 B2B.
Deel 3. De deflatie bij je agencies komt. Ze staat alleen nog niet op je factuur.
Hier zit de spanning die je budgetronde interessant maakt. De holdings geven de prijsdaling openlijk toe. Hun klanten zien ze nog niet.
Cindy Rose, CEO van WPP, op de halfjaarcall in augustus: zoals bij elke technologieplatformshift komt er kortetermijn-deflatie op pricing, omdat AI-tooling de productiviteit opdrijft en de cost-to-serve verlaagt, en klanten verwachten dat die winst doorgegeven wordt. John Wren van Omnicom, een maand eerder: waar er besparingen zijn, delen we die zeker met onze klanten. Zijn CFO beschrijft de verschuiving van betalen voor mensen en uren naar betalen voor outputs en outcomes.
De cijfers achter die zinnen zijn niet klein. WPP schrapte sinds begin 2025 ongeveer 11.000 functies, naar 97.388 mensen op 30 juni 2026, en mikt met Elevate28 op 500 miljoen pond jaarlijkse besparing tegen 2028. Omnicom wil tegen eind 2026 ongeveer 15.000 koppen minder, naar zo’n 105.000, al zit daar ook outsourcing en verkoop van onderdelen in. Publicis is de uitzondering: het groeit zijn headcount naast de AI-push, met een doel om manuele en repetitieve taken met 25% te reduceren. Drie holdings, drie strategieën, één conclusie: de kost om een campagne te maken daalt, structureel.
En dan het andere cijfer. Gartner-analist Jay Wilson, dit voorjaar: CMO’s die hun agency-scopes vernieuwen, zien nog altijd geen kostenbesparing in hun fees, ondanks brede AI-adoptie bij de agencies. Een pricingstudie schat dat AI de arbeidskost van agencies in content- en creatieve productie met 20 tot 40% verlaagt, maar dat agencies 85 tot 90% van die winst houden en 10 tot 15% doorgeven. Amerikaanse cijfers, en van een partij die er een belang bij heeft. Maar het patroon herken je: je bureau werkt sneller, je factuur niet.
Voor je nu je accountmanager belt: het is geen complot. Slechts 20% van de agencies verhoogde in 2026 zijn tarieven, tegenover 28% in 2025, en een deel van de margedruk komt rechtstreeks van klanten die goedkoper verwachten omwille van AI. Het agency zit geklemd. Zijn klanten vragen korting op basis van tooling die ze zelf ook kopen, zijn beste mensen vragen 15 tot 22% opslag voor dezelfde reden, en zijn tooling is van een vaste post een variabele geworden. De marge die het “houdt”, is voor een stuk de marge die het nodig heeft om te blijven bestaan.
De scherpste klantzijde-berekening komt van Avinash Kaushik, vroeger Google. De reductie van werk in een bestaande agency-SOW vertaalt zich in 25 tot 75% besparing op fees, terwijl nieuw werk dat nu onderbelicht of niet gecontracteerd is 15 tot 25% fee-verhoging oplevert. Dat is een Amerikaans enterprise-perspectief en het hoge eind van elke bandbreedte. Maar de structuur van zijn redenering is dezelfde als wat de UBA dit jaar optekende aan twee rondetafels met Belgische adverteerders: AI maakt bureaus niet minder belangrijk. Nu productie efficiënter loopt, verwachten merken dat bureaus een grotere rol opnemen in strategie, marktinzicht, klantkennis en geïntegreerde planning.
Productie daalt hard. Expertise stijgt. Dat is de hele beweging, en ze laat zich per werksoort vertalen.
Netto op je totale agencyspend: 5 tot 15% is een verdedigbare planningsaanname voor 2027 bij een gemiddelde Belgische roster. Wie 25% of meer inschrijft, rekent op een pitch of een rosterreductie, niet op efficiëntie. Dat mag, maar noem het dan zo.
Wat je ermee doet: vraag elk agency in je roster, nog vóór de budgetgesprekken, om zijn werk voor jou in die drie lagen op te delen, met het aandeel van elke laag in de huidige fee. Dat duurt hen een halve dag. Jou bespaart het drie onderhandelingsrondes.
Bronnen: Marketing Dive, WPP H1 2026, BestMediaInfo, Rose en Wren, Mediaweek, Omnicom, BestMediaInfo, Publicis Q3, Kaushik, UBA blogreeks, Digital Applied pricing 2026.
Deel 4. Onderhandel over het model, niet over de uren.
“Geef mij 20% korting” is een zin die in 2027 niet meer werkt, en niet omdat het agency ze niet wil horen. Ze gebruikt de verkeerde munt. Een uurkorting op werk dat in uren wordt geprijsd, beloont het agency dat traag blijft en straft het agency dat investeerde. Je wil het omgekeerde.
De sector weet dat. Bruno Gralpois van Agency Mania Solutions voorspelde eind vorig jaar dat leidende adverteerders AI-output formeel gaan loskoppelen van menselijke expertise in hun contracten: minder betalen voor schaal, meer voor impact. En het momentum richting outcome-based is er: in de studie van MediaSense met de WFA en Meta verwacht 85% dat outcome-based remuneratie groeit, en gelooft 81% dat het de relatie versterkt. Rose van WPP verwacht zelf een hybride van tech fees, vaste fees en outcome-based fees.
Maar lees ook de andere helft van die studie. 69% noemt attributie als de blokkering. Je kan geen outcome prijzen die je niet samen kan meten. Forrester-analist Jay Pattisall is nog droger: AI heeft het remuneratiemodel tot nu toe niet getransformeerd. De ANA stelt vast dat 84% van de marketeers tevreden is met hoe ze hun agencies betalen, en dat 86% die regeling binnen twaalf maanden wil herbekijken. Iedereen wil veranderen. Niemand weet precies naar wat.
Mijn advies voor de budgetronde, in deze volgorde.
1. Splits de scope in drie lagen vóór je over geld praat. Productie (AI-geschikt, geprijsd per output). Uitvoering (hybride, deels per output, deels retainer). Expertise: strategie, creatie, data, geprijsd als retainer of project. Vraag per laag een cost-to-serve-model, inclusief welke tooling het agency gebruikt. Zonder die transparantie onderhandel je in het donker, en in het donker wint altijd wie het langst zwijgt.
2. Vraag outputprijzen voor laag één. Geen urenkorting. Een prijs per asset, per adaptatieset, per rapport. Dat haalt “maar het kost ons nog altijd uren” van tafel. Het laat het agency zijn efficiëntie houden als het beter is dan de markt, en het dwingt het agency dat slechter is om te investeren. Beide zijn wat je wil.
3. Zet de AI-clausules in het contract, en hou ze kort. De WFA publiceerde vrijwillige richtlijnen voor generatieve-AI-contracten: transparantie, disclosure, datagebruik, IP, risicoallocatie en toezicht, zonder de relatie te verstikken. In België komt daar de AI Act bij: sinds 2 augustus 2026 moet bepaalde AI-gegenereerde of gemanipuleerde reclame-inhoud als zodanig aangeduid worden. Regel disclosure, IP en wie aansprakelijk is bij een fout. Regel niet dat elk gebruik van AI goedgekeurd moet worden. ISBA zag zo’n contract passeren, waarin alle AI toestemming vereiste, niet enkel generatieve. Elke laptop zit vol AI. Je wil geen goedkeuringsformulier voor de spellingscontrole.
4. Reduceer je roster vóór je elke fee afknijpt. De 39% uit de Gartner-studie bespaart in de eerste plaats door relaties te schrappen, niet door tarieven te drukken. Eén agency met 15% meer scope levert meer efficiëntie op dan drie agencies met elk 10% korting, en het geeft het overblijvende bureau de schaal om in tooling te investeren. Dat is trouwens de helft van wat wij bij IKAg in selectietrajecten zien gebeuren: de besparing zit zelden in het tarief, bijna altijd in het aantal partijen rond de tafel.
5. Begin een outcome-component klein. Een bonus-malus van 5 tot 10% van de fee, op twee KPI’s die je samen meet. Niet meer. De attributieproblematiek is reëel en in België nog wat harder: sinds Consent Mode v2 verplicht is in de hele EER, verlies je een stuk conversiedata zodra een bezoeker cookies weigert. Een outcome-fee op data die je zelf niet vertrouwt, is een ruzie met een vervaldatum.
Wat je ermee doet: de eerste drie punten zijn werk voor november, en het meeste daarvan doet het agency. Punt vier is een beslissing van veertig minuten met je team. Punt vijf is voor het contract van 2027, niet voor de budgetronde.
Bronnen: WFA strategic partners 2026, MediaSense, Impact Over Input, ANA Forward, Decideware, WFA AI-contractrichtlijnen, UBA over de AI Act, VideoWeek over ISBA.
Deel 5. Waar het geld naartoe moet: readiness, geen licenties.
Het cijfer dat het meeste zegt, kwam al voorbij: de 30% CMO’s met matuur AI-proces krijgen meer budget, geven meer uit aan innovatie en snijden minder in hun mensen. Readiness is het verschil tussen een AI-lijn die een kost is en een AI-lijn die een argument is. De vraag is dus niet hoeveel je aan AI besteedt. Het is waaraan.
Mensen en skills, eerst. De Duke CMO Survey rangschikt de barrières: AI-kennis en skills 35,7%, resourcing 22,3%, data-architectuur 19,1%, teambandbreedte 14,1%, talentbeschikbaarheid 13,1%. In dezelfde periode daalde het trainingsbudget naar 3,8% van de marketingspend, van 5,8%. Lees die twee cijfers nog eens na elkaar. Het grootste probleem is skills, en het budget voor skills krimpt. Het is alsof je met een lekke band naar de garage rijdt en daar onderweg besluit dat de garage te duur is.
Reken op 2 tot 3% van je marketingbudget voor opleiding plus een AI-lead, deeltijds of extern, die de workflows herontwerpt. Voor Belgische kmo’s: de opleidingspijler van de kmo-portefeuille blijft volledig intact, 30% steun voor kleine en 20% voor middelgrote ondernemingen, tot 7.500 euro per jaar. De adviespijler is sinds februari grotendeels afgeschaft. Opleiding dus, geen consultancy, als je de subsidie wil.
Datafundamenten en meetlaag, tweede. Zonder first-party data, server-side tracking en een werkende consent-laag draait elk AI-biedsysteem op een onvolledig signaal. En, belangrijker voor dit stuk: elk outcome-based agencycontract is onmeetbaar. Server-side tracking zit bij kleinere Belgische bedrijven aan 20 tot 25% adoptie. Dit is de ene investering die zowel je interne AI-ambitie als je agencyonderhandeling mogelijk maakt. Reken 2 tot 4%, eenmalig zwaarder in 2027.
Governance, derde. Een AI-brandbook: wat mag, wat moet gelabeld, wie keurt goed. Een toolregister. Een lijst met vooraf goedgekeurde tools en use cases voor je agencies, zoals de WFA-playbook aanraadt. Dat kost weinig geld en veel vergaderingen. Budgetteer de vergaderingen.
Zichtbaarheid in antwoordmachines, vierde. Forrester zet dit bovenaan zijn investeringslijst voor 2027: naarmate AI-antwoordmachines de koopbeslissing beïnvloeden, moeten marketeers answer engine optimization prioriteren om zichtbaar te blijven in AI-gegenereerde resultaten. In België gebruikte 42% van de 16- tot 74-jarigen generatieve AI in de drie maanden vóór de ICT-enquête van 2025. Als je klant aan ChatGPT vraagt wie hij moet kiezen, wil je in het antwoord staan. 1 tot 2%, grotendeels contentwerk dat je waarschijnlijk toch al deed, maar nu met een ander doel.
Tooling, laatste, en als consumptiepost. Hier zit de verrassing voor finance. Het mediane mid-market marketingteam gaf 1.200 dollar per maand uit aan AI-tools in Q1 2025 en 3.400 dollar per maand in Q1 2026. Bijna een verdrievoudiging, zonder dat iemand een licentie tekende. Het zijn credits, tokens, resoluties, assets. Budgetteer tooling als een lijn met een plafond en een eigenaar, niet als een vaste licentie. 1 tot 2%.
En wat je niet financiert: Forrester is daar scherp over. Schrap AI-initiatieven zonder governance, duidelijk eigenaarschap, succescriteria of een pad naar opschaling. Elke marketingafdeling heeft er drie. De pilot van de stagiair, de pilot van het agency en de pilot die de CEO op LinkedIn zag. Kies er één en geef die een eigenaar.
Wat je ermee doet: zet readiness als aparte rubriek in je budget, met vijf lijnen (skills, data, governance, AEO, tooling) en een totaal van 7 tot 11% van je marketingbudget. Dat is geen nieuw geld. Het is het geld uit deel 2 en deel 3, met een naam erop.
Bronnen: Webtonic, CMO Survey-barrières, CruxDigits, kmo-portefeuille 2026, Mind Your Growth, WFA AI Acceleration Playbook, Forrester 2027 Budget Planning Guides, Kanexio, AI-gebruik België, Revenue Memo.
Deel 6. Wat je teruggeeft aan je agency.
Dit is de vraag waarover het minste geschreven is en waar het meeste geld zit. De vraag is niet of je agency goedkoper moet worden. Dat wordt het. De vraag is hoeveel van zijn efficiëntiewinst je opeist, en wat er gebeurt met het deel dat je niet opeist.
De redenering is simpel, en ze wordt zelden gemaakt. Een agency dat zijn AI-efficiëntie integraal moet doorgeven, heeft geen middelen om in tooling, training en eigen modellen te investeren. En die investering is niet optioneel: 37% van de agencies ontwikkelt eigen AI-modellen en agents, 45% ziet klanten vragen om steun bij AI-strategie en -implementatie. Op holdingniveau zie je de ratio: WPP betaalt 400 miljoen pond implementatiekost om 500 miljoen besparing te ontsluiten. Een Belgisch bureau van 40 mensen heeft dezelfde verhouding, in het klein. Elke euro besparing kost eerst tachtig cent.
Wie zijn agency uitkleedt tot de marge die het al had vóór AI, krijgt een agency dat achterloopt op de tooling van zijn concurrenten, en dus over twee jaar minder waard is. Dat is geen ethisch argument. Het is een inkoopargument. Je koopt in 2027 niet het werk van 2027. Je koopt het bureau dat je in 2029 nog wil hebben.
Omnicom verwoordt het van de klantkant: in grote mate herinvesteren klanten elke besparing die ze halen onmiddellijk in de marketplace. Dat is wat jij doet met je dividend. Het punt is dat dezelfde logica voor het agency moet gelden, en dat jij de enige bent die dat kan afdwingen.
Hier is de verdeelsleutel die ik voorstel, voor de aantoonbare efficiëntiewinst op productiewerk. Neem als voorbeeld 30% minder uren voor dezelfde output, wat binnen de bandbreedte van deel 3 zit.
Het resultaat op een productiefee van, zeg, 240.000 euro: de factuur daalt naar 216.000 euro, het agency houdt 24.000 euro marge waarmee het verplicht bouwt, en je krijgt voor 24.000 euro werk dat je anders apart had moeten kopen. Je bespaart 10%, je agency investeert, en je krijgt meer output en meer strategie dan vorig jaar.
Wie het volledige efficiëntievoordeel opeist, krijgt op korte termijn 30% korting. En op middellange termijn een agency dat wegloopt naar de klant die dat niet doet, of dat zijn beste mensen niet kan houden, of allebei, in die volgorde, met een verschil van ongeveer zeven maanden.
Twee voorwaarden om die deal te kunnen sluiten.
Transparantie in beide richtingen. Het agency toont zijn cost-to-serve en zijn tooling-investering. Jij toont wat je in-house doet en wat je met je besparing doet. De ANA meet dat slechts 28% van de adverteerders adequaat zicht heeft op hoe hun agencies geld verdienen. Dat cijfer moet bij jou 100% zijn, voor dit ene agency, of de verdeelsleutel is een gok.
Een looptijd. Dit werkt niet in een eenjarig contract met jaarlijkse heronderhandeling. Niemand investeert in een relatie die in december opnieuw op de markt komt. Twee tot drie jaar, met een jaarlijkse herijking van de efficiëntiebasis: wat vorig jaar 30% winst was, is volgend jaar de nieuwe nul.
Wat je ermee doet: kies het ene agency in je roster waarmee je dit wil proberen. Niet het grootste. Het beste. Leg de sleutel op tafel in het budgetgesprek van november, met de drie cijfers erbij. Je zal merken dat een goed bureau dit gesprek al drie keer geoefend heeft, en opgelucht is dat het eindelijk iemand tegenkomt die het wil voeren.
Bronnen: PCI, AI at Agencies, Digital Applied, Clients Want a Share, ANA Forward, Decideware, AI CERTs over Elevate28.
Deel 7. Je budget 2027 op één A4.
Vertrekpunt: een marketingbudget dat vlak blijft tot licht stijgt, tussen 0 en +5%, en een CFO met -20% in zijn cel. Hieronder hoe de posten bewegen, met als rekenvoorbeeld een budget van 3 miljoen euro, waarvan 1,2 miljoen agencyspend, 850.000 euro loonkost en de rest media en overige.
Tel je het op: de agencybesparing van 60.000 euro en de niet-vervangen junior uit deel 2 financieren samen ongeveer 125.000 van de 270.000 euro readiness. De rest, zo’n 5% van het budget, komt uit media die je slimmer koopt of uit het stukje groei dat Forrester voor 2027 ziet. Netto schuift zo’n 9% van de enveloppe naar readiness, waarvan ongeveer de helft gefinancierd door besparingen bij agency en team.
Dat is het verhaal naar de CFO. De AI-besparing is reëel. Ze wordt binnen marketing gehouden, en de Gartner-data zijn het argument: de matuurste organisaties krijgen meer budget, niet minder. De cel met -20% blijft leeg. In de plaats komt een cel met 7 tot 11% readiness, en een afspraak om in oktober 2027 opnieuw te kijken, met de productiviteitscijfers erbij.
Ik geef toe dat dit een gesprek is dat je verliest als je het in november voor het eerst voert. Begin er nu aan, met de drie lagen van deel 3 en de verdeelsleutel van deel 6 al op papier. Een CFO die een plan ziet, vult zijn cel minder snel zelf in.
Waar dit verhaal breekt
Vier plekken waar je mij niet op je woord moet geloven.
De cijfers zijn bijna allemaal Amerikaans of Brits, en bijna allemaal van bedrijven boven een miljard omzet. Belgisch cijfermateriaal over AI en marketingbudgetten bestaat nauwelijks; het beste dat er is, zijn de UBA-rondetafels, en die zijn kwalitatief. De richting klopt. De percentages zijn richtinggevend, geen benchmark.
De verdeelsleutel van deel 6 is van mij, niet uit een studie. Een derde, een derde, een derde is een vertrekpunt voor een gesprek, geen natuurwet. Bij een agency dat al zwaar investeerde, mag het aandeel voor jou groter zijn. Bij een agency dat nog moet beginnen, kleiner.
De “AI-besparing” in budgetstudies wordt deels opgeblazen door herclassificatie: een tool die vorig jaar “martech” heette, heet dit jaar “AI”. De 15,3% van Gartner is dus niet volledig nieuw geld. Dat maakt het argument richting de CFO niet zwakker, wel eerlijker.
En de bedrijven waar AI vandaag al meer dan een derde van het marketingwerk doet, zijn overwegend techbedrijven en pure online spelers. Fully online bedrijven zitten aan 31,4% van hun marketingactiviteiten, bedrijven met beperkte online verkoop aan 17,5%. Als je een bouwbedrijf, een voedingsproducent of een B2B-industrieel bent, loop je op deze curve een jaar of twee achter. Dat is geen schande. Het betekent wel dat je 2027-budget vooral een readiness-budget is, en nog geen efficiëntiebudget.
Tot slot
Ik heb zelf, in een vorig leven, een bureau geleid dat klanten korting gaf omdat we sneller geworden waren. Het voelde eerlijk. Het was ook de reden dat we het jaar erna geen geld hadden voor de tooling die ons nog sneller had gemaakt. De klant die het meeste korting kreeg, is twee jaar later naar een bureau gegaan dat die tooling wel had.
Het AI-dividend bestaat. Het staat alleen niet in de cel waar de CFO het schreef. Het zit in de mensen die je niet vervangt, in de productie die je per stuk betaalt, in het bureau dat je een derde laat houden, en in de 9% readiness die je daarvan koopt.
Wie het volledig afstort, krijgt een mooie cel in de spreadsheet. En een concurrent die hem bedankt.




